Kannibalen

Büch schreef boeiend over kannibalen en musea (bron foto – JB)

Bestaan die nog? Dat is toch iets uit jongensboeken, en lang vervlogen tijden? Boudewijn Büch en Sabine Kuegler schreven er boeiende boeken over.

Museum

De globetrotter Büch schrijft er uitvoerig over in zijn boek De hele wereld in een vitrinekast (2001). Hij schreef het in opdracht van het Leidse Rijksmuseum voor Volkenkunde. Dat is niet zo gek. want Büch was verzot op bibliotheken, archieven en musea. Zijn boek geeft een beeld van het museale collectiebeleid in de 19e en 20e eeuw.

Lijken

Dat klinkt slaapverwekkend saai, maar dat wordt anders als je leest dat musea vroeger lijken en skeletten tentoonstelden. Tegenwoordig zou dat stormen van protesten opleveren, maar in de koloniale tijd van rond 1900 was dat heel normaal, Mensen hadden toen geen geld om te reizen naar exotische oorden, dus haalden de musea de wereld van ver weg naar Nederland.

Kookpot

Daartoe hoorden ook kannibalen. Het boek bevat termen zoals kannibalogie, koppensnellers en inboorlingen. Het zijn woorden uit lang vervlogen tijden, je krijgt er jongensboekachtige beelden à la Willy van der Heide bij. De kannibalistische kookpot, die erg tot de verbeelding spreekt, heeft echter nooit bestaan. Bovendien was, zo legt Büch uit, de werkelijkheid van koppensnellen niet bepaald exotisch. Antropologen ontdekten dat het te maken had met territorium, het afbakenen of juist het veroveren daarvan.

Sabine Kuegler schreef realistisch en betrokken over het leven in de jungle van Paoea Nieuw Guinea (foto – JB)

Zendeling

Sabine Kuegler belicht in haar boek Dochter van de jungle, een meisje uit de steentijd (2005, Duitse origineel Dschungelkind, 2005) de andere kant. Büch reisde vaak naar de eilanden in de Stille Oceaan, de Zwitserse woonde er van haar vijfde tot haar zeventiende. Haar ouders werkten als zendeling en in het onderwijs bij de Fayu-stam in Papoea Nieuw Guinea. De achterflap van het boek meldt als spannende tekst dat de Fayu’s voormalige kannibalen waren.

Vergelijking

Büch verbaast zich in zijn boek over de compleet andere wereld die het Stille Zuidzee-gebied is. Kuegler valt hem onbedoeld bij. Ze stelt dat de Fayu’s eten, drinken, voelen, ruiken, haten en beminnen zoals Europeanen. Maar verder gaat elk vergelijking mank.

Indringend

Kuegler geeft een indringend beeld van het leven in de jungle. Los van fantasie of verbeelding vertelt ze hoe ze als klein meisje spelenderwijs haar weg met en tussen de Fayu’s vond. Toen ze op haar 17e naar een Zwitsers internaat moest, was dat een ramp. De tiener dacht, voelde en handelde als een Fayu. En kannibalen? Büch schrijft dat kinderen van voormalige koppensnellers in de jaren vijftig door missionaren naar school werden gestuurd.

Vassil Levski (bron foto – auteur)

Tot slot – wat zou Levski er van gevonden hebben?

Hij zou het kannibalisme hebben verafschuwd. Levski heeft slechts één keer in zijn leven een medestrijder moeten doden, en was daar bepaald niet trots op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *